Sicherungsstellung Nord

Foto: VisitAabenraa

De Sicherungsstellung Nord (in het Deens Sikringsstilling Nord) is een vestinglinie die tijdens de Eerste Wereldoorlog door het Duitse leger is gebouwd in de periode 1916-1918 ter bescherming tegen een aanval uit het noorden.

De kaart is uitgewerkt door de vereniging Støtteforeningen for Sikringsstilling Nord.

De linie strekte zich uit over heel Zuid-Jutland, dat toen Duits was, van de oostkust bij Hoptrup tot de westkust ter hoogte van Skærbæk. Ze bestond uit prikkeldraadversperringen, een dubbele linie van deels uitgegraven loopgraven, artilleriestellingen en schuilholen, met in totaal zo’n 800 bunkers.

Na de inlijving van Zuid-Jutland bij Denemarken in 1920 werden de meeste van de bunkers opgeblazen.

Locaties die u kunt bezoeken

De kustbatterij bij Aarøsund

Middelzware kustbatterij met vier kanonstellingen, vuurleidingsbunker met drie kamers en een aangrenzende manschappenkamer. In de helling langs de kust ten westen van de bunker ligt een munitiebunker. Hiervandaan kon de munitie via een rails naar het geschut worden gebracht.

Batterij in Andhold Plantage (niet opgeblazen)

Zware batterij bestaande uit twee manschappenkamers en een dubbel munitiedepot. De beide manschappenkamers hebben twee ingangen en ter verdediging schietgaten met ijzeren luiken. Het depot bestaat uit twee kamers met elk een ingang. In de westelijke kamer werden de granaten bewaard. Verschillende ijzeren balken herinneren aan een tafel en een takel die werden gebruikt om de granaten door het langwerpige luik naar buiten of naar binnen te brengen. In de oostelijke kamer werd het kruit bewaard. Alle ingangen zijn gedekt en hebben tweedelige ijzeren deuren.

Batterij Gammelskov (opgeblazen)

Opgeblazen batterij die als enige zware batterij in de verdedigingslinie was uitgerust met twee kanonnen. Het ging om scheepsgeschut in gepantserde torens op een betonnen ondergrond. Met behulp van rails kon munitie via de 250 m lange loopgraaf van de batterij snel worden aangevoerd naar twee dubbele magazijnen aan weerszijden van de twee kanonnen. Achter de loopgraaf van de batterij lag een dekkingsloopgraaf met drie manschappenkamers, allemaal met schietgaten en de middelste met een caponnière.